Quotes

“Voor de beoordeling van de vraag of [de kosten van voordelen van alle aard toegekend door een vennootschap aan haar bedrijfsleider wel beantwoorden aan werkelijke prestaties van de bedrijfsleider], dient geen onderscheid te worden gemaakt tussen de situatie waarin voor de bezoldiging onder de vorm van een voordeel in natura fiscale fiches worden opgesteld, dan wel de situatie waarin een vergoeding wordt betaald door de zaakvoerder gelijk aan de forfaitaire waardering inzake de inkomstenbelasting” (Rb. Antwerpen 27 januari 2017). Hoe dit vonnis aantoont dat, in het kader van de aftrek van kosten door vennootschappen, bepaalde ‘zekerheden’ plotseling op de helling komen te staan, zie Fiscoloog van deze week, p. 1.

Hoewel een VZW muziekconcerten met “gratis toegang” organiseert, is zij volgens de rechtbank van eerste aanleg te Leuven in casu onderworpen aan de vennootschapsbelasting, en niet aan de rechtspersonenbelasting (Rb. Leuven 14 oktober 2016). Hoe dit vonnis aantoont dat een concert dat voor het publiek gratis is, niet per se “betekent dat de organisator belangeloos optreedt”, zie Fiscoloog van deze week, p. 1.

De BTW-vrijstelling inzake intracommunautaire leveringen kan niet worden geweigerd “enkel en alleen omdat de afnemer noch in het VIES is geregistreerd noch onder een belastingregeling voor intracommunautaire verwervingen valt” (HvJ 9 februari 2017, zaak nr. C-21/16). Over de vraag of de Belgische regeling inzake de BTW-vrijstelling van intracommunautaire leveringen wel in overeenstemming is met dit arrest van het Europese Hof, zie Fiscoloog nr. 1512, p. 1.