Quotes

• De zogenaamde “tweede pijler” van het nieuwe stelsel van het “mobiliteitsbudget” slaat onder meer op de “huurgelden en interesten van hypothecaire leningen, betreffende de woonplaats [van de werknemer] die binnen een straal van 5 kilometer [gemeten in vogelvlucht] van [zijn] normale plaats van tewerkstelling gelegen is” (wetsontwerp “betreffende de invoering van een mobiliteitsbudget”, Parl.St. Kamer 2018-19, nr. 54-3381/001 en 002). Over de reden waarom in het bijzonder deze ‘tweede pijler’ interessant is vanuit fiscaal en parafiscaal oogpunt, alsook over de wijzigingen die de regering, in het zog van het nieuwe ‘mobiliteitsbudget’, wil aanbrengen aan het bestaande stelsel van de ‘mobiliteitsvergoeding’, zie Fiscoloog van deze week, p. 1 e.v.

• In het kader van de nieuwe interestaftrekbeperking in de vennootschapsbelasting wordt aan “binnenlandse vennootschappen of Belgische inrichtingen die deel uitmaken van dezelfde groep van vennootschappen de mogelijkheid [verleend] om door middel van een overeenkomst het ongebruikte grensbedrag over te maken aan een ander lid van de groep”. Het wordt “de belastingplichtige ook toegestaan om een groter grensbedrag over te maken” (Parl.St. Kamer 2017-18, nr. 3147/001, 25). Over deze opmerkelijke vaststelling in het kader van de nieuwe aftrekbeperking waarvan de inwerkingtreding met een jaar zal worden vervroegd, zie Fiscoloog nr. 1590, p. 1.

• “Een gepensioneerde met een pensioen van 15.000 EUR bruto per jaar die iets bijverdient, riskeert […] ineens belasting te moeten betalen omdat een belangrijk deel van zijn belastingvermindering voor pensioenen verloren gaat in de huidige regeling, en dat ongeacht het bedrag dat wordt bijverdiend : 1 euro extra bijverdienen bovenop het pensioen [kan] dus grote fiscale gevolgen hebben”. “Die onrechtvaardigheid wordt door de nieuwe berekening van de belastingvermindering  definitief weggewerkt” (persbericht van de minister van Financiën van 23 november 2018). Zie Fiscoloog nr. 1589, p. 1 over het voorontwerp van wet dat de nieuwe berekening zal invoeren om aldus een einde te maken aan de zogenaamde ‘activiteitsval’.